blockquote btn-arrow-cutout btn-arrow btn-info cite Rectangle 647 + Rectangle 648Created with Sketch. Bitmap 3 + Imported LayersCreated with Sketch. Rectangle 104 + Line + Line 4Created with Sketch. Bitmap 6 + Imported Layers 3Created with Sketch. Created with Sketch. Bitmap 4 + Imported Layers 2Created with Sketch. Rectangle 104 + Oval 10Created with Sketch. icon-web Rectangle 8 + Rectangle 9Created with Sketch.

In the spotlights: Jo Bollen, B-cute


18.03.19

Jo Bollen is OIZ-lid van het eerste uur. Hij is echter steeds lid vanuit een andere organisatie en inmiddels vanuit zijn eigen adviesbureau B-cute. Hij ondersteunt voornamelijk zorginstellingen in hun relatie met softwareleveranciers om de beste oplossingen voor zijn klanten te realiseren. Bollen stoort zich daarbij vooral aan het gebrek aan samenwerking tussen leveranciers onderling. Daarin kan OIZ nog een grotere rol innemen, aldus Bollen.

Kunt u een korte introductie geven van uw bedrijf en aangeven welke klanten u bedient?

Jo Bollen, eigenaar en adviseur bij B-cute: ‘Momenteel ben ik lid van OIZ vanuit mijn eigen adviesorganisatie B-cute, maar ik ben al 25 jaar lid van OIZ vanuit verschillende organisaties. Ik heb de markt gezien vanuit drie uitgangspunten: als iemand die namens ziekenhuizen met ICT-leveranciers sprak, als leverancier van software en vanuit de implementatiepartij of projectleider. Zo was ik bestuurder van de DIV Coöperatie en directeur Healthcare bij SAP, waardoor vele mensen mij kennen.’

‘B-cute bestaat 18 jaar. Sinds acht jaar ben ik volledig zelfstandig als adviseur en interimmer. Ik denk bijvoorbeeld mee over aanbestedingen en contractonderhandelingen. Zo help ik soms zorginstellingen en softwareleveranciers om samen de volgende generatie oplossingen te ontwikkelen. Ik ken alle partijen, weet wat ze aan elkaar hebben en wat ze willen. Ik houd ze scherp en zorg dat reële eisen worden gesteld en dat de andere partij zich daaraan houdt. Ik ben als het ware de mediator.’

Welke uitdagingen ziet u in de zorg- en IT-markt?

‘Wat nog niet voor elkaar is, is de uitwisselbaarheid van informatie, met name beeldinformatie. Het is juist beeldinformatie die belangrijk is voor de diagnostiek. Dat stoort me al als particulier. Er wordt zoveel gestructureerde en ongestructureerde informatie vastgelegd, maar die wordt niet gedeeld met andere disciplines, zelfs niet binnen de zorginstelling. Dat komt de behandeling van een patiënt niet ten goede. Datzelfde geldt voor het delen van informatie buiten de instelling. Daarom moet standaardisatie bevorderd worden en de overheid moet daarvoor de kaders stellen.’

‘Tegelijkertijd biedt de beschikbare data en technologie een grote kans voor bijvoorbeeld artificial intelligence (AI). Door een slimme samenwerking tussen academische instellingen, die naar mijn mening daarin de trekkersrol dienen te vervullen, en softwareleveranciers kunnen we op basis van slimme algoritmes veel beter correlaties leggen die eerder niet werden gezien. Dan weten dokteren veel sneller welke behandeling de grootste kans van slagen heeft.’

Welke rol ziet u weggelegd voor OIZ?

‘OIZ moet een rol spelen in het bevorderen van standaardisatie en die rol pakken ze ook goed op. We hebben met OIZ echt een vinger in de pap. Tegelijkertijd vind ik dat OIZ ook een rol mag spelen in het verbeteren van het imago van ICT. Laatst las ik een artikel in de New York Times met de titel: why doctors hate their computers. Dan schaam je je als softwareleverancier toch. Deels klopt dat niet alle ICT goed werkt, maar het heeft ook heel erg met imago te maken en daar kunnen we wat aan doen.’

‘Ook mag OIZ zich meer bezighouden met het bevorderen van samenwerking van softwareleveranciers onderling. Er zijn partijen die alles voor zichzelf proberen te houden, niets willen delen, niemand een deel van de markt gunt. Degene die daar het meest last van hebben, zijn echter niet de concurrenten, maar klanten: de ziekenhuizen en andere zorginstellingen. Die krijgen namelijk te maken met slecht werkende koppelingen en trage informatie-uitwisseling. Daar kan OIZ zeker een rol in spelen.’ 

Jo Bollen, B-cute
Jo Bollen, eigenaar B-cute

Downloads